Bij 1 op de 4 ongevallen waarbij een voetganger in ons verkeer gewond raakt, neemt de dader de vlucht. Ook fietsers worden vaak slachtoffer van ongevallen met vluchtmisdrijf. Vorig jaar waren er zo meer dan 2800 fietsers en voetgangers die ons land gewond waren of om het leven kwamen in een ongeval waarbij de dader niet ter plaatse bleef. Op 10 jaar tijd is het aantal vluchtmisdrijven in ons land met 8 % toegenomen. Hoewel de meeste daders gevat worden, blijft het fenomeen verontrustend groot. Vias institute trekt met een nieuwe analyse aan de alarmbel en gaat de problematiek meer in detail bestuderen.
1 op 4 gewonde voetgangers slachtoffer van vluchtmisdrijf
Verhoudingsgewijs zijn voetgangers de grootste groep slachtoffers. 2 jaar geleden was bij ongeveer 1 op de 5 ongevallen waarbij een voetganger gewond raakt of om het leven kwam, sprake van vluchtmisdrijf. Nu is dat al bij 1 op de 4 letselongevallen (25%). In totaal waren er zo 1006 voetgangers die slachtoffer werden van vluchtmisdrijf in 2025.
In absolute cijfers zijn het echter de fietsers die het vaakst te maken hebben met een dader die zijn verantwoordelijkheid niet neemt. 1819 slachtoffers waren onderweg met hun fiets (15% van alle fietsongevallen) toen ze aangereden werden en de dader niet bleef staan.
In totaal is zelfs 25% van alle voetgangers die gewond raken in ons verkeer een slachtoffer in een ongeval met vluchtmisdrijf. Ook bij ongevallen met een elektrische step (15% van alle e-stepongevallen) en bromfiets (12%) willen de daders vaak hun verantwoordelijkheid ontlopen.
Dader vaak onder invloed
Uit eerder onderzoek is duidelijk dat daders van vluchtmisdrijf vaak rondreden onder invloed van alcohol en/of drugs. Sommige daders komen zich dan wel aanmelden eens hun roes achter de rug is, maar dat vermindert het leed en de letsels van de personen die slachtoffer geworden zijn natuurlijk niet.
Daarnaast komt ook regelmatig voor dat de daders niet in orde waren met hun papieren (rijbewijs of verzekering).
Aantal vluchtmisdrijven op 10 jaar tijd met 8% gestegen
In 2025 gebeurden er 4814 letselongevallen waarbij de dader achteraf vluchtmisdrijf pleegde. Dat zijn er bijna 200 meer dan in 2024. Op 10 jaar tijd is er zelfs een stijging met 8% (van 4467 in 2014 naar 4814 in 2025). Elke week zijn er in ons land dus 92 ongevallen met gewonden of doden waarbij de dader de vlucht neemt! In totaal waren er dus in 2025 in ons land 5297 slachtoffers van vluchtmisdrijf: 20 personen kwamen om het leven, 200 personen waren zwaargewond, 5077 lichtgewond.
Niet alleen in absolute cijfers, maar ook verhoudingsgewijs neemt het aantal vluchtmisdrijven toe. In 2025 pleegde in 13% van alle letselongevallen de dader vluchtmisdrijf, ten opzichte van 11% in 2016.
|
Jaar |
Letselongevallen met vluchtmisdrijf |
Totaal slachtoffers |
% ongevallen met vluchtmisdrijf |
|
2016 |
4467 |
4989 |
11,1% |
|
2017 |
4199 |
4684 |
11,0% |
|
2018 |
4436 |
4910 |
11,5% |
|
2019 |
4458 |
4956 |
11,8% |
|
2020 |
3614 |
3948 |
11,9% |
|
2021 |
4232 |
4663 |
12,2% |
|
2022 |
4786 |
5316 |
12,7% |
|
2023 |
4820 |
5303 |
13,1% |
|
2024 |
4617 |
5067 |
12,8% |
|
2025 |
4814 |
5297 |
13,0% |
|
Gemiddeld 2016-2025 |
4444 |
4913 |
12,1% |
|
Evolutie 2016-2025 |
8% |
6% |
17% |
85% van de daders wordt gevat
Op basis van cijfers van de politie en het Belgisch gemeenschappelijk waarborgfonds blijkt dat de daders ook vaak gepakt worden. In 2016 bleef nog 22% van de ongevallen met vluchtmisdrijf onopgelost. Vorig jaar was dat in 15% van de ongevallen zo. Dat wil zeggen dat 85% van de daders wel gevat wordt. Vluchten is dus nooit de goede oplossing.
Zware straffen
De straffen voor vluchtmisdrijf zijn niet min. Bij een ongeval zonder gewonden riskeert de dader een gevangenisstraf van 15 dagen tot zes maanden en een geldboete tussen 2000 en 20.000 euro. Daarnaast kan de rechtbank nog beslissen een rijverbod op te leggen van acht dagen tot vijf jaar.
Wanneer een slachtoffer van vluchtmisdrijf daarentegen gewond geraakt, of in het slechtste geval overlijdt, dan gelden er nog zwaardere straffen. Dan riskeert de dader een gevangenisstraf van 15 dagen tot 3 jaar en/of een boete van 4000 tot 50.000 euro. In dit geval kan er ook worden beslist een levenslang rijverbod op te leggen.
Hoe zwaar de straffen ook, het afschrikkingseffect is relatief beperkt omdat wanneer mensen onder invloed rijden ze niet de rationale afweging maken van de potentiële sanctie die boven hun hoofd hangt.
Conclusie
Het aantal gevallen met vluchtmisdrijven blijft stijgen en wordt verhoudingsgewijs een groter verkeersveiligheidsprobleem. Vooral wanneer fietsers en voetgangers gewond raken in het verkeer is dat heel vaak wanneer een dader de vlucht neemt. Hoewel het altijd je morele plicht is om hulp te verlenen, blijft de groep weggebruikers die dat niet doen bij een ongeval nog altijd schrikbarend hoog en dit ondanks de sancties die doorheen de jaren fors verstrengd zijn. Om dit fenomeen beter te kunnen doorgronden gaat Vias institute daarom nieuw studiewerk verrichten om te kijken naar de profielen van plegers van vluchtmisdrijven en vooral proberen te doorgronden waarom het aantal vluchtmisdrijven niet verder daalt.
Federaal minister van Mobiliteit Jean-Luc Crucke:“De nieuwe cijfers zijn zorgwekkend, vooral die over voetgangers. Ze tonen aan dat er dringend actie nodig is. In het toekomstige federale verkeersveiligheidsplan zal de bestrijding van factoren die vluchtmisdrijven in de hand werken — alcohol, drugs, rijden zonder rijbewijs of zonder verzekering — een prioriteit zijn. Ik zal Vias ook vragen om de oorzaken en het profiel van de daders grondig te analyseren, zodat we gerichte en effectieve maatregelen kunnen nemen. Verkeersveiligheid is een gedeelde verantwoordelijkheid: iedereen moet zijn steentje bijdragen. All for Zero!”
Ook de Voetgangersbeweging maakt zich ernstige zorgen over deze tendens. Tom Dhollander, gedelegeerd bestuurder: “Dat één op de vier gewonde voetgangers slachtoffer wordt van vluchtmisdrijf is onaanvaardbaar. Wie een kwetsbare weggebruiker aanrijdt, heeft de verantwoordelijkheid om hulp te bieden en ter plaatse te blijven. Tegelijk moeten deze cijfers voor het beleid een duidelijk signaal zijn dat de veiligheid van voetgangers meer aandacht verdient.”
